Verfgigant AkzoNobel betaalde miljoenen euro’s winstbelasting aan het Kremlin

Het Russische dochterbedrijf van AkzoNobel floreert sinds de invasie van Oekraïne, met dank aan miljoenen kilo’s grondstoffen uit het buitenland. Het betaalde 16 miljoen euro winstbelasting aan de Russische overheid.

featured-image

De Russische tak van het Nederlandse verfconcern AkzoNobel is sinds de invasie van Oekraïne in 2022 gegroeid, hoewel de multinational publiekelijk claimt grotendeels uit Rusland te zijn vertrokken. De omzet van het Russische dochterbedrijf groeide vorig jaar met 8 procent, na een lichte daling van 3 procent in 2022. De nettowinst kwam in 2023 uit op ruim 37 miljoen euro.

In de afgelopen twee jaar betaalde AkzoNobel omgerekend circa 16 miljoen euro winstbelasting aan het Kremlin. Dat blijkt uit de jaarverslagen van de drie Russische dochtervennootschappen van AkzoNobel, die in handen zijn van NRC. De vennootschappen zijn volledig eigendom van het moederbedrijf in Amsterdam, al keren ze sinds 2022 geen dividend meer uit.



„Dat bedrijven belasting moeten betalen in het land waar ze actief zijn, is een wettelijke verplichting”, schrijft een woordvoerder in reactie op vragen van NRC. „Het alternatief, als een bedrijf dit niet doet, is dat het genationaliseerd kan worden door Rusland.” De resultaten staan haaks op de officiële verklaring van AkzoNobel dat sinds de Russische invasie van Oekraïne een „significant deel” van de activiteiten in Rusland zou zijn gestaakt.

Financieel directeur Maarten de Vries stelde in februari bij de presentatie van de jaarcijfers nog dat de „business in Rusland gehalveerd” zou zijn. De woordvoerder van AkzoNobel blijft er desgevraagd bij dat de Russische activiteiten gehalveerd zijn, maar volgens hem zijn „de volumes van de reste.